Rozendaalweg

Rozendaalweg
ECHELPOELHOEVE, Rozendaalweg: landelijk / mooi / historisch, foto: H. Vermeir

zaterdag 12 augustus 2017

VERBA VOLENT woorden vliegen


in opbouw



Dit manneke werd verkozen tot president van de V.S.A. met 3.000.000 stemmen minder dan Hilary Clinton.

Er zijn nog nooit zoveel leugens vertelt door  een president
en er was nog nooit zo weinig democratie in de V.S.A.


VERBA VOLENT

In de stilte groeit het Woord
en het neemt vele vormen aan:
aarde, sterren, zon en maan
eindeloos groeit het voort.

De mens geeft het ding een naam
hij slijpt de taal tot instrument
waarmee hij dag en nacht verkent.

In de stilte groeit het Woord
en geeft stem aan vele monden
die hun waarheid luid verkonden.
Het wordt verminkt, vermoord...

Roger DeVRieNDT

Uit: "Vlaanderen", nr. 185, vierde kwartaal, 1981,  p..332

Roger (17.09.48) liet zijn eerste gedicht verschijnen in het tijdschrift Vlaanderen in 1969.
Sindsdien publiceerde hij poëzie  in verschillende tijdschriften o.a. Dietsche Warande en Belfort.
Van hem verschenen de bundels:
De zon staat in de Kreeft, 1978
Een kiemvrijtaalgehucht, 1980.
Verder verscheen poëzie in bloemlezingen:
Gedichten 73, 78, 79,
Literair Akkoord 19,
Kinderen dromen zich een wereld,
Verzenboek over de dood
Zeventig voorbij.
In 1970 werd hij laureaat van de poëzieprijs van het tijdschrift Koebel.

zaterdag 29 juli 2017

Het DUIVELS WOORDENBOEK. Hier kan Trump nog iets van leren




Amboise BERCE (1842 - ca. 1914), Woordenboek van de Duivel (The Demon's Dictionary; ook The Devil's Dictionary). De auteur was veteraan van de Amerikaanse Burgeroorlog.

AANHANGER: een volgeling die nog niet alles gekregen heeft waarop hij gerekend heeft.

BEHAGEN: de fundamenten storten voor een bovenbouw van misbruik.

EGOÏST: een vulgair persoon die meer belangstelling heeft voor zichzelf dan voor de anderen.

ENVELOP: de doodskist van een document,
                    de schede van een rekening;
                    de schil van een cheque;
                    het nachtgewaad van een liefdesbrief.

GELD: een zegening waaraan we niets hebben tenzij we het uit handen geven.
            Bewijs van beschaving[niets is minder waar] en een paspoort tot betere kringen.

GELEGENHEID: een gunstig ogenblik om teleurstelling te grijpen.

GEWOONTE: de boeien van de vrije mens.

GODDELOOSHEID: uw gebrek aan eerbied voor God.

HOFNAR: de aanklager.

INVLOED: in de politiek: een hersenschimmig quo geven in ruil voor een tastbaar quid.

KIKKER: reptiel met eetbare poten.

ONGESTRAFT: rijk.

OPPOSITIE: de patij die de regering verhindert op hol te slaan door haar kniepezen door te snijden.




Bron/

Ben SCHOTT, Schotts Curiositeiten, Het spectrum, Nederland, 2003, p.34.


zondag 23 juli 2017

Echelpoelhoeve / Achelpoelhoeve / Eckerpoelhoeve / Ackerpoelhoeve : SINT-KATELIJNE-WAVER



De hier vermelde hoeve vind je als beginbeeld van deze blog.

INLEIDENDE GEGEVENS


Kaart uit de brochure "Rozendaalhoevepad" van vzw Erf en Heem en Davidsfonds, St.-Katelijne-Waver, 1983, p. 11/12

Nummer 6 is de Achelpoelhoeve, in het kwart links onderaan. Er vertikaal erboven is Rozendaal, de voormalige abdij van de Cistercienzerinnen.

De bovenvernoemde hoeve draagt o.a. de volgende namen: "Echelpoelhoeve", of "Ackerpoelhoeve" of "Eckerpoelhoeve" of "Neckerpoelhoeve" of "Grote Verkenspoot"(4)(p.3).

De benaming "Achelpoelhoeve" komt voor het eerst voor in een akte van 6 december 1417.
De schepenen van Duffel bevestigen daarin dat Rombout vander Poorten een erfelijke jaarrente  van 2 rijnse gulden op zijn deel  van de Achelpoele in het Land van Duffel te Sint-Katelijne-Waver, groot zeven bunder, verkocht heeft aan Willem van Gheel, zaakvoerder en lekenbroeder van de abdij Rozendaal. (1)(p.67)


   Kaart uit : " Uit het Verleden van Katelijne en Waver", 1981, p.59.


DE BENAMINGEN 

POEL

Een poel is een omsloten stilstaand en ondiep oppervlaktewater. Poelen ontstaan als hemelwater zich in een laagte verzamelt of worden gegraven. Ze waren van oudsher in gebruik voor verschillende doeleinden zoals drinkplaats voor vee en opslag van bluswater.

ACHEL 
graanmaat. 1 achel = 1/8 zak en 1/8 hl.

De eerste vermelding dateert van 1139: Achile. Andere schrijfwijzen zijn Achell, Aghel, Aghelen en Aghell. Etymologisch zou de naam verwijzen naar twee Germaanse stammen: aha, water, en lo, bos, vandaar de betekenis: waterrijk bosgebied.

ECHEL
ringworm die meestal leeft van het bloed van andere dieren dat hij met zuignappen opzuigt, en waarvan een soort, de medicinale bloedzuiger, vooral vroeger werd gebruikt in de geneeskunde; ringworm die bloed zuigt; bloedzuigerGevonden op http://anw.inl.nl/article/echel

ECKER
Eckers, Ekkers: Patr. Germ. VN agi-hari 'zwaard-leger': Agiharius, Acharius (MORLET I). Evtl. var./gen. van Eckert. 1538 Claes Eckers, Zolder(VANB-).

NECKER
Te noorden van Mechelen is er de woonzone "Neckerspoel".
Necker geest van het water.

DE GESCHIEDENIS


De Echelpoelhoeve in 1983. Ze werd door de nieuwe eigenaars oordeelkundig gerenoveerd. Zie boven.

De Echelpoelhoeve of Neckerpoelhoeve -, 28 bunders groot en belast met een klein 'tiendeken', werd uit kracht van 'evictie' [ evictie of uitwinning, verkregen door vonnis bij verstek, wegens wanbetaling of niet betaling van een rente of schuld.] van Maria de Lettere, echtgenote van Eduard van Mechelen, en van Charlotte Bauwens, weduwe van Jan Sekenaerts, en haar kinderen, op 6 augustus 1675 voor notaris Bartholomeus van der Linden verkocht aan Anthonis Leyen of ten behoeve van diegene die hij zou noemen - in feite voor de abdij Rozendaal. De verkoopprijs bedroeg 22.330 gulden 14 stuivers 6 deniers, onkosten inbegrepen. (2)(p.69)
Deze aankoop gebeurde onder abdis Maria van Eywerven (Antwerpen 1613 - St.-Katelijne-Waver 1679)

De abdij kocht deze hoeve niet alleen omdat het haar paste, maar uit noodzaak om een goede 'passagie' naar Mechelen te hebben. Haar eigendommen waren gelegen in een wijde boog rond de abdij, te beginnen in Battenbroek, om te eindigen in Duffel aan de Nete.  Rond 1500 bezat de abdij 17 hoeves verspreid over Sint-Katelijne-Waver, Koningshooikt, Duffel, Itegem, Kontich, Grobbendonk, Leffinge, Reet en Wiekevorst, aangevuld met de inkomsten uit tienden in Geel, Berlaar, Pulle, Grobbendonk, Brecht, Kasterlee, Retie, Melkauwen, Kontich, Keerbergen, Heffen, Rijmenam, Ranst, Wortel, Perk, Leffinge, Lichtervelde en Aardooie.
Daarnaast bezat ze ook gronden te Waarloos, Muizen, Melsbroek, Elewijt en Mechelen en rechten op 5 wind- en 2 watermolens. Op het einde van de 14e eeuw schatte men het totale eigendom op 365 hectare. [http://www.odis.be/hercules/toonOrg.php?taalcode=nl&id=37413]

Het bezit van de hoeve, die leengoed was, zou in de volgende jaren leiden tot disputen met de markies van Deynze, heer van St.-Katelijne-Waver. Deze laatste had recht op 'pontpenningen' op het goed die door de eigenaar moesten vereffend worden. In 1705 kwamen ze tot een vergelijk.

De Echelpoelhoeve werd op 31 maart 1797 verkocht voor 46.000 livres aan Raphaël de Coster, de ex-religieus van Gent. Met welk recht verkochten de Fransen hier de kerkelijke goederen, en bovendien stalen ze de roerende eigendommen (schilderijen) van vele instellingen en gaven die nooit terug allemaal voor de zogezegde "Broedelijkheid, Gelijkheid en Vrijheid". Boerenbedrog... En Napoleon maar honderduizend soldaten opofferen uit de bezette gewesten voor de zogezegde drie voorgaande begrippen. Wanneer de verliezers grote landen zijn krijgen die wel gelijk...

Begrippen:

Bunder = 400 vierkante roeden / 100 vierkante roeden = een dagwand. Een dagwand is een oude oppervlaktemaat. Het verwijst naar de oppervlakte grond die een boer met behulp van een os en een ploeg normalerwijze in 1 dag kon ploegen, dit is ongeveer één derde van een hectare of ongeveer 3300 m².

Cistercienzerinnen: De cisterciënzerorde vindt haar oorsprong in 1098, toen de abt Robert – een Bourgondisch edelman – zijn klooster in Molesmes verliet om samen met twaalf monniken een nieuw klooster te stichten in Citeaux in Bourgondië. Dertig jaar eerder werd hij reeds abt van verschillende gemeenschappen. In 1074 werd hij hoofd van een groep kluizenaars van Colan. Een jaar later werd hij de abt van Molesme. Tussen 1090 en 1093 had Robert de abdij van Molesme reeds verlaten, om zich opnieuw bij een groep kluizenaars aan te sluiten. In 1098 kwam hij ertoe opnieuw een abdij op te richten.
De vrouwen namen echter de fakkel over en de 13e eeuw werd de Gouden Eeuw van de monialen (= vrouwelijke ordeleden). De abdij van Rozendaal vanaf 1227 deel uitmaakte van de cisterciënzerorde. Datzelfde jaar schonk Gilles I Berthout de abdij tienden in Geel, Berlaar en Slijpe en traden twee van zijn dochters - Oda en Elisabeth - in als kloosterzuster.
De cisterciënzerinnenabdij van Herkenrode was de eerste en mettertijd de grootste voor vrouwelijke cisterciënzers. Terwijl in hun kloosters het innerlijk leven en de mystiek bloeiden, kwamen de mannenabdijen tot rijkdom, vooral bestaande uit grondeigendom ten gevolge van landontginning. Monniken van de Abdij Onze-Lieve-Vrouw Ten Duinen te Koksijde en de Abdij van Boudelo te Klein-Sinaai hebben bijvoorbeeld grote delen van het Land van Hulst in Zeeuws-Vlaanderen ingepolderd. In Rotselaar bevond zich de abdij Vrouwenpark, waar de Beatrijslegende wordt gesitueerd.

Evictie of uitwinning: bekomen door een vonnis bij verstek, wegens wanbetaling of niet-betalling van een rente of schuld.

Pontpenningen of brugpenningen moesten worden betaald  bij de overgang van een niet-leenroerig eigendom  van de ene eigenaar naar de andere. Het kan vergeleken worden met de registratierechten in de huidige tijd bij de aankoop van een eigendom. Vroeger was dat de 20ste penning (5%) van de koopsom.

Rijnse gulden, ook rijnsgulden, overlandse gulden, eigentijdse benaming voor goudguldens die op grond van sinds 1349 tussen de keurvorsten van Keulen en Trier en vanaf 1386 tussen alle vier keurvorsten in het Rijngebied gesloten muntverdragen (Rijnlandse muntunie) tot aan het begin van de zestiende eeuw op eenparige voet en met dezelfde beeldenaar geslagen zijn.


Bronnen:

Marcel Dillen, Guido Marnef e.a., "Uit het Verleden van Katelijne en Waver", Erf en Heemuitgaven 8, 1981.
Jos Serneels sr., "Het Landbouwkundig Patrimonium van de Abdij Rozendaal. Pachthoeven te Sint-Katelijne-Waver.", Erf en Heem, 1997. (1) + (2)
Jos Serneels en Willy Van Hoof, "Rozendaalhoevepad",  ERF EN HEEMMEDELINGEN, speciale editie 1983(1), realisatie Erf en heem & Davidsfonds St-Katelijne-Waver.
Hendrik Verstraeten, "Hoge Velden", een korte historiek, 1994.(4)

woensdag 19 juli 2017

poème / gedicht / chant / lied: Bongo ...CHINAMA



Foto: André Cauvin, in: CONGO, Elsevier, Amsterdam, 1949, p.147.
Les Mangbétous, aussi bien les hommes que les femmes, 
aiment les coiffures compliquées.
Voicie une jeune personne qui à préparé ses cheveux
pour une cérémonie.

CHINAMA

Le chant des jeunes filles.

Chinama, Chinama,
La jolie fille-fleur,
De Kabougou, le chasseur,
Se rendit, le coeur plein d'amour,
au palais du puissant roi.
En chemen, elle chanta
A ses modestes compagnes:
Allons doucement, doucement,
Afin que le roi soit la
Quand nous arriverons.

Quand on lui eût dit que le roi
Etait dans ses appartements d'herbes tressées,
Elle lui envoya ses compagnes,
Avec ses plus tendres hommages
Et des présents de sa part.
Mais le roi lui envoya en retour une peau,
Au lieu d'un mets;
Ce qui signifiait que d'elle, il ne voulait.
Lentement, lentement,
Elle s'en retourna dans son village, 
En pleurant.

Chant Benia Bongo

André CAUVIN et J. LATOUCHE, "Congo", Elsevier, Brussel/Amsterdam, 1949, p.147/148

CHINAMA

Het jonge meisjeslied.

Chinama, Chinama,
Het mooie bloemenmeisje,
Van Kabougou, de jager,
Ging vol liefde,
Naar het paleis van de machtige koning.
Onderweg zong ze
haar gezellinnen voor;
Niet te vlug, rustig,
Zodat de koning daar reeds zou zijn
Wanneer we toekomen.

Ze zeiden haar dat de koning
In zijn appartementen van gevlochten grassen was,
Zij stuurde hem haar gezellinnen,
Met haar mondelinge eerbewijzen
En geschenken van harentwege.
Maar de koning stuurde haar een dierenhuid,
In plaats van lekker eten;
Daarmee  begreep ze dat hij haar niet wenste.
Traag, heel traag,
Keerde ze al snikkend,
Naar haar dorp terug.

Lied van de Benia Bongo

Vertaling Harry F.E. Vermeir




woensdag 12 juli 2017

Duffel: 80-ste kaarjesprocessie op 14 augustus 2017




Altaar van Onze-Lieve-Vrouw van Goede Wil, te Duffel.  tekening uit: "De zang der Torens, Maria in het leven van ons Volk", door Ad. Bayens, Gent, geen vermelding van de tekenaar,  1948, p.148. Foto: © H.F.E. Vermeir.
ONZE-LIEVE-VROUW van "Goede Wil", Duffel.

"De archieven van de Abdij van Tongerlo verhalen het ontstaan van de bedevaart te Duffel.
 In de oogstmaand van het jaar 1637 op 14 augustus  ontdekten twee knapen  van ca. 10 jaar, Jan MAES en Pieter VAN DEN BRANDE ,  terwijl ze hun koeien weidden in het gehucht Duffel-Perwijs, een klein beeldje in een wilgenstronk.

Pieter liep naar huis om het nieuws aan zijn vader te vertellen. Deze  was verwonderd, omdat hij een paar dagen te voren de wilg had gesnoeid en geen beeldje aan de boom had bemerkt. Benieuwd naar de uitleg van zijn zoon ,  vond hij een Onze-Lieve-Vrouwbeeldje met het kindje Jezus op de linkerarm.
Het beeld, uit grijze aarde amper een hand groot, werd in een holte van de boom vastgemaakt en het volk hield er voor dag en nacht een klein l lichtje in brand. "(1)(p.72-75)


OLV van Goede Wil, Duffel

"Een van de eerste genezingen kwam toe aan Marten VAN DEN BRANDEN, de vader van Pieter, Hij werd aangetast door wat men de "hete koorts" noemde , zodanig dat hij het bewustzijn verloor. Toen hij terug bij bewustzijn was ging hij naar het beeld in de wilg, ontstak er kaarsen en  ging volkomen genezen naar huis; later kregen zijn vrouw en zijn zoon  ook de koorts en ze werden op dezelfde wijze geholpen.
De man en de vrouw  getuigden onder ede over die genezingen voor  meier Balthasar Bals op 15.12.1637. De baron van Duffel Florens van Merode, markgraaf van Deinze, die op het kasteel van Duffel verbleef en pastoor Jan Schaluynen, deden onderzoek ter plaatse en spraken hun verwondering en bewondering uit."(2)(p.74)

 Dit wonder schonk een plotse vermaardheid aan de bedeplaats. met de zucht naar vereenvoudiging het volk eigen, noemde men weldra het beeldje aan de wilg "Onze-Live-Vrouw van de goeden Wil(g)le".(3)(p.148)

Er werd al vroeg een houten kapel rond het beeldje gebouwd.(maart 1638 - 1640). De eerste priester die er diensten leidde was Augustijn WICHMANS, een premonstrenzer, die op initiatief van de abt van Tongerloo de hulp kreeg van twee kanunniken.
Door de grote toeloop was de kapel te klein geworden.
In 1640 kwam er een stenen kapel.
Op 14.09.1937 legde kardinaal Van Roey de eerste steen voor de uitbreiding van de kapel. Jos Resseler, de toenmalige archivaris organiseerde dan een grote Mariastoet  en 's avonds een kaarskensprocessie  waarvoor 5000 processiekaarsjes werden verkocht.
Van dan af werd elk jaar een processie georganiseerd,  behalve één maal in de oorlog toen de Duitsers geen toelating verleenden.

De moderne praalwagen.
Wie versiert er mee?

De werkgroep vraagt dat gans Duffel aandacht zou opbrengen voor de kaarskensprocessie.
Men vraagt voor die dag de wijkkapelletes van Onze-Lieve-Vrouw een poetsbeurt te geven en het beeld van OLV een likje verf. Om de kapelletjes te versieren  met kransen, guirlandes en bloempjes. En om de nodige kaarsjes te doen branden. Geburenkringen steek de hoofden bij mekaar.

De processie op 14  augustus 2017.

20u30: vorming van de processie: kerkplein Bruul
20u50: opstelling van de processie tussen de kerk en de winkel van bakkerij Carl.

Processie:
vooraan: Kruis, processievlag, flambouwen en vlaggen  van Duffelse verenigingen gaan voor de trommelaars;
daarachter de deelnemers, misdienaars, priesters en de praalwagen met Mariabeeld.

21uur  vertrek achter de begeleidende poltiewagen.

Het traject:
links de Kapelstraat in, daarna rechts  Kwakkelenberg, rechts Provinciestraat, rechts Kapelstraat en voor de kerk links terug naar het Kapelplein voor de openluchteucharistie.

Standen:  wat is er te koop?
kaarsjes en windkapjes, Mariabeeldjes, medailles e.a. kerkelijke zaken.

Contacten
Pastoor Jan De Kinder  Tel.: 015 /31 15 86
P.R. Louis Van Nylen     Tel.: 015/ 31 33 51

Begrippen:
Hete koorts: wanneer de verhoging van de lichaamstemperatuur het gevolg is van warm weer of van oververhitting van het lichaam. In zo'n geval heeft het geen zin om geneesmiddelen in te nemen, de persoon in kwestie moet namelijk zo snel mogelijk afgekoeld worden. Dat kan gebeuren met water of met ijs, zaak is in ieder geval dat de lichaamstemperatuur opnieuw naar omlaag gaat.
In de ergste gevallen van oververhitting van de lichaamstemperatuur kan de persoon in kwestie verward worden of zelfs bewusteloos vallen.



Geraadpleegde studies:

Ad. Bayens,  "De zang der Torens, Maria in het leven van ons Volk", Gent, geen vermelding van de tekenaar,1948.(3)
Jan De Kinder (pastoor)  en Louis Van Nylen,  "Duffel 80ste kaarskensprocessie", in:  Het klokje,  weekblad, jg. 4, nr.28, 12.07.2017.
Stefanus Schouten, "Maria's Antwerpen", 1905, derde verbeterde druk.(1)+(2)


zaterdag 1 juli 2017

Pastoor ABTS Karl 25 jaar priester Viering te Onze-Lieve-Vrouw-Waver 2 juli 2017



Uitwerking: Kathleen Vermeir





De kerk vanaf het altaar een half uur voor de processie binnenkwam. Foto: ©Wim Van Engeland



Foto: © H.F.E. Vermeir 

Het binnenkomen van de kerk van Karl ABTS  over de rode loper. Voor hem de processie  van misdienaars en priesters. foto ©  H.F.E. Vermeir


Eucharistie met secondanten en zijn moeder op de voorgrond.  Foto: © H.F.E. Vermeir 
De secundanten:  Tim Peeters (E.H.), pater Chuks Nkejiaka, Karl Abts (jubilaris), Koen Jacobss (diaken),  Kristof Struys (vicaris  en president Johannes XXIII-seminarie), Ronald Villarreal (E.H.).
De koren: 'Con Animo' en 'Pastorale' o.l.v. Maria Jacobs(piano) en Martine De Winter.
Organist: Koen Van Damme

Lector Kathleen leest hier de voorbeden
Foto: © Lucia Riccio 



De ouders van Karl ABTS, 55 jaar getrouwd.Foto: © Lucia  Riccio
.

Misdienaars en lectoren : Anthony Jude Okafor (seminarist) en Kathleen Vermeir (lector)

Het college van Burgemeester en Schepenen schitterde door afwezigheid.

Foto: © H.F.E. Vermeir 

Foto: © H.F.E. Vermeir


Einde van de Jubileumdienst. Bij het verlaten van  de kerk was er spontaan applaus en  en langs de buitenzijde wandelde men in processie  terug naar de pastorij.
De Koninklijke fanfare Graaf d'Elissem ging voor.
Daarna was er een volle zaal voor de receptie in de zaal van Graaf d'Elissem. 

PROFICIAT PASTOOR Karl ABTS en DANK voor 25 priesterschap 13 jaar en 8 maanden  dienst aan Heer en Gelovigen bij ons.






maandag 26 juni 2017

SINT - ROMBOUT (Rumoldus) viering laatste zondag van juni ST.-Romboutskathedraal Mechelen




Op de laatste zondag van juni wordt jaarlijks in de St.-Romboutskathedraal te Mechelen de heilige gevierd. Hoewel in de kerkelijke kalender staat die op 1 juli.


R. Cramer, Rumoldus, in: “Missel Quotidien et Vesperal”, Dom Gaspard Lefevre, deAbdijen van St.-André en Zevenkerken, Loppem-Brugge, 1930. ( achteraan Propre de Belgique, begin)

Biografische gegevens

H. Rombout (Rumoldus)

Titelheilige van de metropolitane kerk van Mechelen.
Patroon van de stad Mechelen en van het aartsbisdom Mechelen-Brussel.
Feest op 1 juli.
Monnik van Ierse afkomst; tweede helft zevende of eerste helft achtste eeuw. De tweede/Ierse evangelisatie
Stichtte een klooster nabij de nederzetting waaruit later de stad Mechelen verder ontwikkelde.
Verkondigde het geloof in de omgeving.
De traditie kent een ontmoeting tussen Rombout en Gummarus, halfweg tussen Mechelen-Lier, te Duffel, Stadeyken(?). De kapel in het huidige 'boske' van 'Morieau' te Duffel uit 1688 herinnert aan deze bijeenkomst.
Hij leefde als kluizenaar - priester te Mechelen.
en werd vermoord door twee metgezellen; 
om zijn geld of omdat hij ze hun verkeerde manier van leven verweet.

De NAAM

 Rommout, nadien Rombout - het zou een geleende of kloosternaam kunnen zijn -  kan geïnterpreteerd worden als beroemde (hruom = roem) heerser (-bout of bald = stoutmoedig) en is Germaans van oorsprong; het eerste lid (romh = Rome) kan ook Iers zijn. (1)(p.36)


De zondag (25.06.2017) van de viering.
Eucharistie met kardinaal Jozef De Kesel (° 1947/ en aanstelling tot aartsbisschop 2015) om 10u30.






St.-Romboutskathedraal, viering van  St.- Rombout.   Foto: ©  H..F.E. Vermeir
De kathedraal is voor deze gelegenheid versierd met vier rode vanen.
In het midden zien we het zilveren schrijn van de heilige.
Achteraan het altaar waarin het schrijn meestal opgesteld wordt.

In 1302 was er als een schrijn uit cypressenhout met goudlaken bedekt.
Houten schrijn uit de 17de eeuw.


Relikwiekast, in: Marcel KOCKEN, "Zo was ... Mechelen",  Antwerpen,  1972, p.55.

Toen werd dergelijke cederhoutenkast gedragen in de processie. Zij is in het bezit van het Museum "Hof van Busleyden". In de vroege  middeleeuwen bewaarde men het gebeente van de heilige in deze kast in een kapel buiten de kathedraal.
In 1369 werd het in een zilveren schrijn geplaatst, dat in 1578, door het calvinistisch stadsbestuur werd verkocht om de stadswallen te versterken 
Men maakte een nieuw schrijn in 1631 en plaatste het op het huidige hoofdaltaar (1665).
In 1797, onder het Frans bewind, werd het in de Munt in Brussel gesmolten. De reden: de Franse bezetter  eiste een overdreven oorlogsschatting en aldus hielp men de stadsmagistraat.


Relikwiekast, de recente, gereed om gedragen te worden in de Hanswijkprocessie. Foto : © H.F.E. Vermeir 
De Mechelse goudsmid  J.-Fr. Van Deuren,(1776-1835) bijgestaan door A.J. van Beveren (1773-1853) leverde in 1825 (Hollands Bewind) deze neoclassicistische relikwiekast in de vorm van een sarcofaag af. Ze moet een Griekse tempel voorstellen en is uit verzilverd koper. De vier zijvlakken brengen episodes uit het leven van St.-Rombout: een engel leidt Sint-Rombout naar zijn missiegebied; Sint-Rombout verkondigt in Mechelen het evangelie; Sint-Rombout wekt Libertus op uit de verdrinkingsdood en het lichaam van de vermoorde heilige teruggevonden. Tussen de Dorische zuiltjes staan de doodsengelen. Bovenop ligt sedert 1875 het beeld van de heilige, werk van Jozef Willems (1845-1910), leraar aan de Mechelse academie.(2)(p.39)
Tijdens WO I was het schrijn opgesteld in de kapellen van de Antwerpse kathedraal. Vooraleer terug te keren naar Mechelen was er een restauratie nodig van de Antwerpenaar Lambert Van Rijswyck in 1919. Daarna werd het  teruggevoerd naar Mechelen waar  het met veel luister werd ontvangen.
In 1998 werd het schrijn  gerestaureerd door Xavier Aertgeerts, zilversmid te Itegem.(3)(p.13-16)
Het woog toen 340 kg.
Nog drie andere parochies hebben St.-Rombout tot patroon: Humbeek, Schepdaal en Steenokkerzeel.

De kermis te Mechelen is eerste drie zondagen van juli  en ontstond uit de processie waarbij de relikwie van St. -Rumoldus processiegewijs werd rondgedragen. Dit zou in oude tijden de ommegang genoemd geweest zijn. De stadsrekeningen van 1554-1555 vermelden dat de processie door reuzen en andere uitgebeelde volkse onderwerpen gevolgd werd, die geen rechtstreekse betrekking meer hadden met de godsdienst.(4)(p.26)
























Bronnen:

Aloïs JANS, Rumoldus in geschiedenis en legende, in: "Sint-Romboutskathedraal, gestalte van de gotische droom", VKW - Mechelen, 1990. (1)
Jan DE SCHUYTER, Op, Signorken, in: "Tijdschrift voor Geschiedenis en Folklore IV", Antwerpen, 4de jg. nr. 1 en 2., 1941.(4)
Karel VAN BETS, Schrijn voor de stadspatroon, in: "Sint-Romboutskathedraal, gestalte van de gotische droom", VKW - Mechelen, 1990. (2)
Bert VERRIEST, Het Sint-Romboutsschrijn", in: tijdschrift "Vrienden van de Sint-Romboutskathedraal",  Mechelen, 9de jg. nr.2. (3)

vrijdag 23 juni 2017

EIERDANS/ boekverbrandingen * nazisme * nationalisme* uitschakelen van volkscultuur

IN OPBOUW

Op 10 mei 1933, het jaar dat hij aan de macht kwam, beval Hitler de boekverbranding  te Berlijn.

Diefstal: tussendoor liet hij de bezittingen van de joden (o.a.) plunderen om ze op te nemen in eigen bezit.

Censuur: Op 18 juli 1942 kregen de Belgische boekwinkeliers een lijst van 1470 titels van boeken die zij niet meer mochten verkopen, want meneer Hitler had het gezegd.

Op 1 jan 2019 wordt alle cultuur en steun aan volkscultuur overgeheveld naar het Vlaams gewest. Dat geld gaat in de zakken van Vlaanderen en komt niet terug naar volkscultuur. Terwijl is men op cultuur  aan het centraliseren dat het niet mooi meer is, de invloed van de politiek op cultuur..  was nooit zo groot  en was nooit zo klein in geld. Behalve als het over concerten gaat op markten: BROOD EN SPELEN
Centralisatie is de vorm van macht die leidt naar dictatuur.
Kijk maar eens nar  Erdogan. De man van de eenheidsworst  om zijn eigen macht te vergroten.
Waar zijn bij ons de mooie principes van de liberalen gebleven!!!
In Afrika de arme mensen helpen is heel mooi,
maar hetzelfde doen in eigen land gebeurt bijna niet...

Uit het blad dat bij onze belastingen zat,  leren we dat 2.2 % naar recreatie, cultuur en godsdienst gaat.
Hoeveel krijgt dan cultuur? 0.6 % voor de elitecultuur (?) en 0.1 voor de volkscultuur (?).
Voor huisvesting en gemeenschappelijke voorzieningen 0.6 % .

Voor elitecultuur is er nog wel geld maar des te minder voor volkscultuur, die dan voor het weinige geld dat ze goed zouden kunnen gebruiken allerlei beleidsplannen, budgetten, begrotingen moeten indienen, op een niveau dat voor de gemiddelde KMO geldig is .... Voor zogenaamde vrijwilligers sportvereniging is er een vzw die voornoemde drukkingsmiddelen in orde brengt.
Waarom wordt dat geld van de provincie niet terug gebruikt voor de koepels....
Zouden we dit een vorm van diefstal durven noemen...
Men zegt dat dat van de gemeenten moet komen, maar als ik  goed rondkijk zijn een aantal gemeenten grondig bezig met de afbraak van de traditionele cultuur om ze daarna des te beter te kunnen vervangen door de cultuur van degenen die aan de macht zijn....

CULTUUR MOET KUNNEN GEDIJEN BUITEN DE POLITIEKE DRUK....
Voor het goed OVERLEVEN van de DEMOCRATIE is DIVERSITEIT IN CULTUUR  van LEVENSBELANG.


Pieter Aertsen, "De eierdans', 1557, in:  "De Europese volkscultuur , De wording van Europa", door  Wim Blockmans e.a., Nederland, 1993,  p.10.
Deze dans weerspiegelt de levenslust van het gewone volk.
Eieren al dan niet gebroken, waren symbolen van seksueel gedrag.
Dat de eieren bij het paar aan de linkerzijde zullen breken ligt voor de hand.

Wij zijn ook in een tijd waar de eierdans wordt opgevoerd, de eieren van de massa worden zonder rancune gebroken, maar de eieren van de luxe worden zonder scrupels met des te meer steun gebroed.



woensdag 14 juni 2017

Poëzie: Paul Van Ostayen(1896-1928) dichtte Guido Gezelle (1830-1899)



Speelse poëzie en modernisme
begrepen mekaar beter
dan vele geleerde heren...

Zo schreef  Paul Van Ostayen 
      over    Guide       Gezelle



Guido Gezelle (1830-1899), portret door Hendrik De Pondt.(Kortrijk)

" Plant
  fontein
  scheut die schiet
  straal die spat
  tempeest van alle diepten
  storm over alle vlakken
  wilde rozelaars waaien
  stemmen van elzekoningen bloot
  Diepste verte
  verste diepte
  bloemekelk die schokt in de kelke van bei' mijn palmen
  en lief als de madelief
  Als de klaproos rood
  o wilde papaver mijn".

Uit: "Vlaamse Arbeid", juli-augustusnummer, 1926

Paul van Ostayen (1896-1928). De dichter in uniform (WOI)

"Hij beschrijft Gezelle als de bron, de fontein van de dichtkunst,
als de alles overschaduwende/ overwoekerende poëet,
als de allround verzenbouwer van wilde en kleurige bloemen  
en  van diepe ontboezemingen."
H.F.E. Vermeir (15.06.2017)

Erlkönig (Elzenkoning, juister Elfenkoning) is een ballade, in 1782 geschreven door de Duitse dichter Johann Wolfgang von Goethe.
De ballade vertelt het trieste verhaal van een vader die ’s nachts te paard naar huis rijdt met in zijn armen zijn zoon. De jongen (die vermoedelijk doodziek is) ziet in zijn koortsdromen de elfenkoning, een symbool van de dood, die hem probeert mee te lokken naar de ‘andere zijde’. Het angstige kind roept naar zijn vader om hulp. De elfenkoning probeert het opnieuw, uiteindelijk dreigt hij het kind met geweld mee te nemen. Als de vader en het kind op hun bestemming komen, blijkt de jongen gestorven te zijn. Hij is voor de elfenkoning bezweken.

Het Duitse woord Erle betekent elzenboom. Dit is ontstaan door een foutieve vertaling vanuit de Deense tekst van Johann Gottfried Herder: de oorspronkelijke tekst ging over een elfenkoning. (Jacob und Wilhelm Grimm: Deutsches Wörterbuch 16 Bde. in 32 Teilbänden. Leipzig: S. Hirzel 1854-1960. Band 3. Spalte 906)