Rozendaalweg

Rozendaalweg
ECHELPOELHOEVE, Rozendaalweg: landelijk / mooi / historisch, foto: H. Vermeir

woensdag 28 oktober 2015

De vooruitblik van Samuel IJsseling in 2011 op onze huidige (2015) samenleving.*



Samuel  IJsseling, Foto van Filip van Roe
Samuel IJsseling (1932)

Hij was van 1969 tot 1997 hoogleraar filosofie aan de K.U. Leuven.
Hij promootte het post-modernisme in de Lage Landen.
Hij schreef onder meer de klassieker Mimesis: over schijn en zijn (Ambo,1990)
Hij publiceerde in 2007 nog (samen met Ann Van Sevenant) Wat zou de wereld zijn zonder filosofie? (Klement/Pelckmans).

------------------------------------------------------------------------------------------------------

Zijn visie in "Knack" nr. 27, 2011.

"Zo vind ik dat een filosoof op de eerste plaats moet leren zien, en eventueel anderen doen inzien, dat de zaken altijd veel ingewikkelder zijn dan wij op het eerste gezicht denken. Dat aantonen, die gedachte als het ware cultiveren - dat is voor mij filosoferen. De Verwondering. Niets vanzelfsprekend vinden. En een bepaalde vorm van soberheid vind ik ook wel belangrijk. Ik heb een hekel aan de graaicultuur, die voor mij in strijd is met het filosoferen."

"Het inzicht dat geld niet het belangrijkste is in het leven. Het besef dat wij hierin de beste van alle mogelijke werelden leven. Hier, nu, in West-Europa. Dat wil niet zeggen dat er niet veel ellende en verdriet en lijden is - denk maar aan het lot van de vluchtelingen. Maar wij mogen wel dankbaar zijn vind ik. We mogen het niet vanzelfsprekend vinden dat we het goed hebben. Die houding vind ik een filosofische houding. Dankbaarheid is fundamenteel. Dat is voor mij een religieuze houding. Niet ten aanzien van een schepper of een gever. Dat moet je openlaten."

Hij heeft het over Heidegger:

"Die zegt: nee,de dingen zijn niet zonder meer aanwezig, ze rijzen op en verdwijnen weer. Je kunt dat het best vergelijken met je eigen mens zijn: eerst  ben je er niet, dan word je geboren, dan voltrekt zich het zijn, en dan ben je er weer niet. Hier en nu, terwijl wij zitten te praten, voltrekt zich de gebeurtenis van het zijn. Het gaat er om aandacht te hebben voor wat gebeurt."

" Ik denk dat die postmodernistische visie een bijzonder goede vertaling is van onze huidige levenservaring. Wij zijn als mens niet zonder meer het centrum van alles wat gebeurt. Wij leven als het ware in het meervoud, wij leven met contradicties, wij leven met irrationaliteit. De maatschappij is verbrokkeld, niet meer zo eenduidig en rationeel als we vroeger weleens durfden te denken. We leven met verschillende identiteiten om ons heen, maar ook in onszelf. Mijn houding ten aanzien van het geloof is daar een illustratie van: je kunt kennelijk tegelijk wel en niet geloven. je kunt ook tegelijk van Lady Gaga houden en van de muziek van Bach."

"Het postmodernisme gaat in tegen de cultus van de eensgezindheid. De werkelijkheid is meervoudig, nooit eenduidig. Het postmodernisme kent de prioriteit van de veelheid boven de eenheid. Van de dissensus boven de consensus. Eigelijk is de democratie een postmodernistische zaak: de veelheid aan opvattingen en keuzes kan nooit samenvallen in een eenheid. Ik zeg niet dat het modernisme per se tot een dictatuur moet leiden, maar er is in dat modernisme toch die cultus van de eensgezindheid. Het idee dat alles maakbaar is, dat alles controleerbaar is."

"Mensen doen mekaar veel verdriet aan, zijn zo lastig voor elkaar. En dat is niet op te heffen, daar kun je niets aan doen. Je kunt er ook niemand schuldig voor verklaren. Zo is de mens. Vroeger heb ik daar veel last van gehad, vandaag veel minder. Ik sta iets dichter bij de dood. Dat scheelt ook wel."

---------------------------------------------------------------------------------------------------------

VERWIJZING:

Joël DE CEULAAR en Filip VAN ROE(foto)," Samuel IJsseling 'Filosofen moeten zich zeer bescheiden opstellen", in: Knack, weekblad, nr. 27, 2 juli 2011, p.60 e.v.






zondag 25 oktober 2015

"Hoemen enyge plaetse int plane beschrijven sal." 1533 WETENSCHAP gesprek met Gilles*



1533 " Hoemen enyge plaetse int plane beschrijven sal"

                   Hoe men aardrijkskundige plaatsen in een plan  moet situeren.

Het gaat hier over o.a. Antwerpen, Bergen-op-Zoom, Brussel, Gent, Leuven, Lier, Mechelen, en Middelburg.

DRIEHOEKSMETING

     

Uit: Petrus APIANUS, Cosmographicus liber... restitutus per Gemman Phrysium. Item eiusdem GEMMA PHRYSII Libellus de Locorum describendorum ratione,  & de eorum distantiis inveniendis, nunquam ante  hac visus. Antverpiae, Joannes Grapheus pro Arnoldo Birckman, 1533, 4°. Eerste stuk in een verzamelband.

Afgedrukt in: "Verzameling kostbare werken", ontstaan en ontwikkeling van een afdeling van de Koninklijke bibliotheek, door Frans SCHAUWERS,  Albert I - bibliotheek, Brussel, 1961, p.77.

GEMA FRISIUS, Dokkum in Friesland, 1508 - Leuven, 1555)

was een veelzijdig geleerde: diep menselijk en sociaal voelend geneesheer, wis- en sterrenkundige - als zodanig leraar van Mercator - en  stichter van de Belgische aardrijkskundige school.
Op 35-jarige leeftijd begint hij thuis lessen te geven in meet- en sterrenkunde.Hij hielp voordien Gerard Mercator bij het bestuderen van meet-en sterrenkunde, in het maken van wiskundige instrumenten en in het vervaardigen en graveren van wereldbollen en kaarten.
In zijn tijd gaf men er zich rekenschap van dat alleen astronomen en wiskundigen in staat zijn om plaatsbepalingen met wetenschappelijke nauwkeurigheid op een kaart vast te leggen.
Zij hebben astronomische tabellen opgesteld, en aandacht geschonken aan projecties, graderingen, het gebruik van een nulmeridiaan en een schaal. Zij hebben praktische en wetenschappelijke  methodes ontdekt om regionale en plaatselijke kaarten op te nemen.

Gemma was nog geen 22 jaar oud, toen hij in zijn De Principiis astronomiae (Leuven, 1530) een nieuwe methode uiteenzette om lengten te bepalen door middel van horloges.
ook de methode om kaarten op te nemen met behulp van een kompas, een soort triangulatie, is aan Gemma te danken. Zij is van doorslaggevende invloed geweest op de regionale en plaatselijke geografie van de 16-de eeuw. (A. De S.).








zondag 18 oktober 2015

van HOUWEEL tot PLOEG / voor willy


EVOLUTIE

De productie van harde graangewassen eist ploegen en oogsten, zware arbeid, maar met tussenin perioden vrij om een andere oogst binnen te halen, zoals bv. bonen en erwten en herfstvruchten.

Bovendien werd het diepe omspitten van de grond, dat vooral voor de graanteelt nodig is, ontzaglijk verlicht door de uitvinding van het "super-houweel", de ploeg  ...



" De eerste primitieve landbouwers moesten hun velden, het houweel in de hand, open hakken en de uitvinding van dat "super-houweel" , de ploeg, die door dieren getrokken werd, betekende dan ook een enorme stap vooruit op de weg van de beschaving.  Behalve de laatste zijn dit allen antieke ploegen die of van monumenten nagetekend of gereconstrueerd zijn naar resten van de werkelijke voorwerpen. Het dient vermelding, dat de Maleisische ploeg aan de moderne Arabische vorm verwant is."(1)(p.346)


De landbouwer moest niet meer zelf een kuiltje graven - zoals bij het spitten in de tuin of bij de primitieve hakbouw in tropisch Afrika, bij de Amerikaanse inboorlingen en in neolithisch Europa - maar getrainde runderen of paarden trokken voortaan de voren aan één stuk, sneller en beter.Door arbeid te besparen, verhoogde de uitvinding van de ploeg niet alleen de opbrengst per arbeidseenheid, maar vergrootte zij ook, door de tijdsbesparing, de akker, die één landbouwer kon bewerken.




VERWIJZING/

Prof. Dr. John FRASER, "Klimaat en Aardrijkskunde, hun invloed op de geschiedenis", in: Nieuwe Geïllustreerde Wereldgeschiedenis,dl. I,  door Dr. Jan Romein, Drs. J.Suys, e.a., Amsterdam, 1929. (1)





zondag 11 oktober 2015

thales WETENSCHAPPEN grieken ONTDEKKINGEN gesprek met Gilles


IN OPBOUW

De Grieken leenden van de Egyptenaren
en volmaakten door hun helder denken.
De Grieken geloofden dat er een vaste orde in de natuur heerste.

"De Egyptenaren waren vooral in bezit van empirische kennis van bepaalde figuurrelaties, meer in het bijzonder omtrent driehoeken en rechthoeken. Zo wisten de Egyptenaren bv. dat het vierkant van de hypotenusa gelijk is aan de som van de vierkanten van de rechthoekszijden, maar ze wisten dit alleen voor het bepaalde geval, wanneer deze zijden tot elkaar in de verhouding 3, 4, en 5 stonden; 5 x 5 was dus gelijk aan 3 x 3 + 4 x 4."(1)(p.1468)

(2)(p.1469)


De Grieken gingen op zoek naar het algemeen toepasbare.

De Egyptenaren wisten dat het vierkant van de basis van een rechthoekige driehoek gelijk is aan de som van de vierkanten van de twee andere zijden als de zijden in een verhouding 3:4:5 tot elkaar staan.
De Grieken  leverden dit bewijs voor alle rechthoekige driehoeken.

Wetenschap in een herkenbare vorm

De persoon die hier in de frontlijn stond was:
de Ioniër Thales van Milete, aan de Westkust van Klein-Azië, die leefde van ca. 624-545 v. Chr.

http://www.isgeschiedenis.nl/nieuws/thales-van-milete-en-de-zonsverduistering/


De traditie wil dat Thales een zeer schrander man was, en dat hij deze schranderheid niet alleen in zijn gedachten over de wereld, maar ook in de politiek en in de handel aan de dag legde.
Hij ontwierp een systeem van federatief bestuur voor de steden van Ionië en als zoutkoopman verwierf hij groot fortuin, dat hij nog vergrootte door het monopolie, dat hij op de olijfmarkt bezat.
Hij bezocht Mesopotamië en Egypte, in Mesopotamië leerde hij de zogenoemde  Saronische cyclus kennen, dat zijn de intervallen van 18 jaar en 11 dagen, tussen de eclipsen van de zon, zoals de Babylonische astronomen vaststelden. Thales voorspelde de zonsverduistering  van 28 mei 585 v.Chr. Hierdoor groeide de overtuiging  dat een systematische waarneming van de natuur nodig was. De verdere prestaties van Thales  liggen op het vlak van de geometrie. Hij wist te generaliseren en werd de vader van de abstracte meetkunde.

Hij ontdekte:

  • dat de cirkel door de middellijn in twee wordt gedeeld;
  • dat de hoeken aan de basis van de gelijkbenige driehoek aan elkaar gelijk zijn;
  • dat er bij insnijding van twee rechte lijnen gelijke, t.o. elkaar liggende hoeken ontstaan;
  • dat de som van de hoeken van een driehoekgelijk gelijk aan twee rechte hoeken is;
  • en dat twee driehoek met gelijke hoeken evenredige zijden hebben.


Hij kon:


  • de afstand van een schip tot de kust vaststellen;
  • de hoogte van een piramide bereken, door de lengte van haar schaduw te vergelijken met fe schaduw van een voorwerp, waarvan de hoogte bekend was.

Hij was de eerste, die het constante te midden van alle veranderingen in de natuur zocht.
Thales is daarom de vader van de wetenschap.



Bibliografie/

Charles SINGER, "De Grieken en hun wetenschappelijke ontdekkingen", in: Nieuwe Geïllustreerde Wereldgeschiedenis",  door Jan ROMEIN, J. SUYS, A. ROMEIN - VERSCHOOR en H.J. SMEDING, Amsterdam, 1929.(1)+(2)

dinsdag 6 oktober 2015

een lied / een gedicht per maand: OKTOBER "Ik hoor haar schuivend komen"

IN OPBOUW

OKTOBER , foto eigendom van  Harry F.E. Vermeir


Ik hoor haar schuivend komen

De gele rozen laten blaren los,
Oktober ligt aan de gevels nog te zonnen,
de wind is in het okeren bos
met wilde rooftochten begonnen.

De tijd is voor mijn woord te nauw.
Ik hoor haar schuivend komen in de gangen,
bevraag mij wat ik zeggen zou.
Hoe zal ik haar met troost omhangen.

Het kort en droog bewegen van de deuren
in een houvast van bleek omklemmende handen.
De pijn kan ieder ogenblik gebeuren.

Maria Sesselte

Verschenen in "Vlaanderen",nr. 200, mei-juni1984, p.204.


MARIA SESSELLE afkomstig uit Adegem is lerares maar zij is vooral gekend als dichteres en bedenker van de fotopoëzie route in het Meetjesland. Zij schreef elf gedichtenbundels en werd een veertiental keer bekroond. Zij werkte mee aan 25 verzamelbundels en acht kunstmappen en zij geeft lezingen en workshops in Vlaanderen en Nederland. Zij vindt er veel respons omdat jongeren bezig zijn met poëzie. Zij begrijpen de gedichten omdat zij zich nog niet afsluiten voor gevoelens. Wat kinderen kunnen en willen schrijven is vaak erg ontroerend, sommige hebben echt talent dat aangemoedigd moet worden maar poëzie is niet altijd even belangrijk in het leven van de tiener naarmate hij ouder wordt. Andere dingen slorpen hen teveel op.
In 2005 werd zij aangesteld als dorpsdichter van Melle. De laatste jaren stond zij in de kijker door tentoonstellingen waarbij haar gedichten, met bijpassende foto’s, het grote publiek konden roeren. Poëzie verwerkt in natuurfoto’s van natuurfotograaf Peter De Craene hangt tentoon in tien gemeenten van het Meetjesland in Vlaanderen.

Haar werk is vereeuwigd op glas, metaal en arduin in: Oudenburg, Kruibeke, Adegem, Maldegem-Kleit, Waarschoot en Zomergem. Zij is de motor achter de fotoroute in tien gemeenten van het Meetjesland. Per foto heeft zij een passend stukje poëzie bedacht. Alle gedichtjes zijn haar kinderen die zij koestert.


KADO woonde ook in Melle en volgde les bij de Jozefieten.